Zo volg je je bloeddruk goed op thuis
Bijgewerkt op 6-7-2026 · 5 min lezen
Je bloeddruk thuis meten geeft een juister beeld dan één enkele meting in de praktijk, vaak verhoogd door de witte-jasstress. Maar het moet correct gebeuren. Dit is de erkende methode van zelfmeting — een hulpmiddel voor opvolging, geen manier om jezelf te diagnosticeren.
Het juiste toestel en de juiste houding
Kies een gevalideerd elektronisch toestel, bij voorkeur voor de bovenarm (manchet), betrouwbaarder dan polstoestellen. Ga rustig zitten, rug gesteund, zonder in de voorbije 30 minuten gerookt, koffie gedronken of gesport te hebben.
De arm rust op een tafel, op harthoogte, zonder praten of bewegen tijdens de meting.
De «3»-regel
De aanbevolen zelfmeting volgt een eenvoudig ritme, vaak gedurende enkele dagen vóór een consult:
- 3 metingen 's ochtends vóór het ontbijt en de medicijnen.
- 3 metingen 's avonds vóór het slapengaan.
- Gedurende 3 dagen op rij, met 1–2 minuten tussen elke meting.
De cijfers lezen zonder te panikeren
De bloeddruk wordt in twee getallen uitgedrukt: de systolische (de hoogste) over de diastolische (de laagste). Bij zelfmeting geldt een gemiddelde boven 135/85 vaak als verhoogd, maar alleen je arts bepaalt je doel volgens je situatie.
Eén los hoger cijfer is geen diagnose: het gemiddelde van meerdere metingen telt. Wijzig nooit een behandeling op basis van één meting.
Noteer alles, presenteer een curve
Een goed bijgehouden bloeddrukdagboek (datum, uur, cijfers) is goud waard bij het consult: je arts ziet een trend, geen momentopname. Veel toestellen bewaren een historiek, maar het overzetten gebeurt vaak manueel.
Parato registreert je metingen, berekent de gemiddelden en genereert een duidelijk overzicht om aan je arts te tonen — die als enige interpreteert en over de behandeling beslist.
Parato helpt je je afspraken voor te bereiden. Het vervangt geen medisch advies en is geen medisch hulpmiddel. Bel bij nood het noodnummer van je land.